Posts tonen met het label verkering. Alle posts tonen
Posts tonen met het label verkering. Alle posts tonen

maandag 5 maart 2007

hoe het allemaal begon

Aad en Ester zagen elkaar voor het eerst op Goede Vrijdag 1954, dus op 16 april 1954. Aad was samen met zijn collega (Aad voer in die tijd nog voor de Holland Amerika Lijn) IJs van Rooijen meegegaan op bezoek bij diens aanstaande schoonouders in Noordwijk. Toen ze eenmaal goed en wel binnen zaten, kwam Ester net thuis uit de kerk. En die wilde wel een afspraakje maken voor een dubbele date. Zie over die eerste dat het aparte stukje. Hoe Aad ertoe kwam om met IJs mee te gaan naar diens schoonouders, beschrijft Aad in het volgende stukje:
"Als varensgezellen heb je ook weleens een paar uur vrij. Als je dan met een aantal maten in een van de hutten zit, wordt er van alles te berde gebracht, bijvoorbeeld wat er allemaal gedurende het verlof zoal gepasseerd was. Zo bracht IJs van Rooijen te berde dat z'n vriendin erg ziek was geweest, maar dat ze er toch weer goed boven op was gekomen. Maar ook dat ze een leuke zuster had, een pracht van een meid, die bovendien goed bij de tijd was. Na een paar reizen zo heen en weer gepraat te hebben vroeg hij: "Kom eens naar Noordwijk; misschien kunnen we wat leuks organiseren!" Zo gezegd zo gedaan, en van het een kwam het ander. En zo had ik een geweldige vriendin. Het was niet alleen hard werken aan boord." IJs was dus de matchmaker voor dit huwelijk.

als ik twee maal met mijn fietsbel bel

Aad schrijft over dates met Ester: "M’n eerste afspraakjes met Ester waren hier bij de Noordwijkse Vuurtoren. Ik fietste dan op de afgesproken tijd rond de Vuurtoren, (dat kon toen nog) en Ester was er natuurlijk nog niet. Zij keek vanuit het zolderraam of zij me zag en dan roetsj de trap af het pad naar de boulevard af en dan rende ze me tegemoet. In de tussentijd zong ik het liedje: als ik twee maal met mijn fietsbel bel, nou dan wet je ’t wel enz."

maandag 5 februari 2007

verkeringstijd


Hierboven zie je enkele foto's uit de verkeringstijd van Aad en Ester. Klik op de foto om een grotere verise te bekijken. De foto's zijn gemaakt tijdens een vakantie die Aad en Ester samen hadden in 1956. Aad was toen afgekeurd voor het varen met de HAL. De vakantie was in de buurt van Rijssen en duurde twee weken.
Aad schrijft over deze vakantie:
"De vakantie in Rijssen begin zomer 1956 was er een om nooit te vergeten. Als 25 en 26 jarige ongehuwde jonge mensen huurden we 2 kamers bij een jong gezin, dat pas begonnen was in een soort melkbedrijf en het geld van de verhuur goed konden gebruiken. Wij waren de eerste gasten. Zij hadden een baby van een paar maanden; een gelukkig jong gezin. Het was voor mij wel vreemd om ’s morgens aan de ontbijttafel te zitten in een vreemde omgeving. De mensen verwenden ons geweldig.
We reisden met de trein van Leiden naar Rijssen; fietsen mee. We reisden 1e klas. Ook een dienst kameraad, Krein van Spijk, was aan boord. Hij ging naar Groningen. Met Krein lag ik in militaire dienst in Bergen op zoom.
Vanuit Rijssen maakten we [het was steeds mooi weer] elke dag fietstochten. Een keer, toen we onze boterhammen wilden opeten, werden we belaagd door een zwerm vliegen, die ons, toen we vluchtten, nog achtervolgden. Het was, denk ik toch wel, een vliegenjaar, want als we ergens iets gingen drinken, stond er een soort vliegenvanger op tafel. We maakten ook een tocht naar Bad Boekelo. Dat vonden we toen al erg imposant met zo’n golfslagbad. Ja, het was een mooie vakantie van twee jonge mensen, maar wel erg kort."

woensdag 10 januari 2007

de eerste date

Op hun eerste date, dus in april 1954, gingen Aad en Ester samen met Truus (de zuster van Ester) en IJs (vriend van Truus en collega van Aad) naar Leiden toe. Eerst gingen ze samen Indische rijsttafel eten in een Indisch restaurant aan het einde van de Breestraat in Leiden. Er werd bier geschonken van het merk ZHB, dat volgens die twee niet te drinken was. IJs en Aad noemden het dus ziekenhuisbier, maar het restaurant had geen ander biermerk. Als ze het erover heeft barst Ester nu nog steeds in lachen uit. Na het eten gingen ze naar de stadsschouwburg. Daar werd het toneelstuk "Boefje" opgevoerd.

In 1922 vormden het verslag van M.J. Brussee over zijn ervaringen met een onverbeterlijk straatschoffie de basis voor dit toneelstuk, waarin Annie van Ees de hoofdrol speelde. Honderden keren speelde zij Boefje, een kruimeldiefje dat samen met zijn maatje de Rotterdamse haven onveilig maakte. In 1939 werd het toneelstuk verfilmd, met in de hoofdrol - uiteraard - Anny van Ees. Hieronder zie je een foto uit de film. Klik op de foto voor een grotere versie. Meer over deze oude film vind je hier.